Zuurstof

Relinde quote_zwanger

Verlof. Wekenlang wachten op de komst van de baby. De babykamer is af, het huis is schoon, ik heb mijn volledige dvd collectie gedigitaliseerd en de kasten puilen uit met boodschappen. Van de week ben ik naar het tuincentrum gereden om een lading nieuwe planten te kopen, want ‘dat zorgt voor lekker veel zuurstof in huis en dat is goed voor de baby’. Inderdaad, hormonen doen rare dingen met het menselijk brein. Ik had gepland om veel te schrijven deze weken, maar ik ben te rusteloos en wil eigenlijk alleen maar dingen ‘doen’. Mijn hoofd loopt over met alles wat geregeld moet worden, alle spullen voor de baby, pufcursussen, kinderdagverblijf, kraamzorg, geboortekaartje etc etc etc. Rust om te schrijven vind ik niet. Nu toch maar een poging. Wacht, eerst nog even een wasje aanzetten. Oké, nu dan.

Zwangere actrice

Toen ik zwanger werd, hoopte ik rollen te kunnen gaan vertolken van zwangere personages. Niets was minder waar. Vóór mijn zwangerschap heb ik drie keer een zwangere vrouw gespeeld. De eerste twee keren werd ik zwanger in de film, dus moest ik eerst zonder buik te zien zijn en daarna mét, de derde keer speelde ik een vrouw die haar kindje verloor, dus was het precies andersom. Om alles toch in een paar weken of maanden te kunnen filmen, werd er gebruik gemaakt van een opblaasbuik die onder je kleding wordt vastgemaakt. Dat werkt prima, zelfs de verpleegster in het ziekenhuis waar we filmden vroeg ‘hoe lang ik nog moest’. “Een paar uur”, antwoordde ik stoer, “dan is hij er wel uit”. Helaas – of eigenlijk maar goed ook – kun je als je écht zwanger bent, je buik er niet even afhalen. Niet zo praktisch in film.

Op de set

Het afgelopen half jaar heb ik amper gespeeld. De enige keer dat ik nog met een dikke buik op de set heb gestaan was bij de korte 8mm film Anna van Chris Roest. Toen hij me benaderde wist hij niet dat ik zwanger was, maar hij vond het een leuke toevoeging. Ik speelde tenslotte het slachtoffer in een horrorfilm, dus wat extra kwetsbaarheid kon geen kwaad. Ik vond het heerlijk om weer even op de set te staan en besefte hoeveel ik het had gemist. Inmiddels is mijn dikke buik bijna verleden tijd en hoop ik snel weer als actrice aan het werk te kunnen.

Actrice_film_zwanger

In de studio

Gelukkig kon ik nog doorwerken als stemactrice, presentatrice van I Love Amersfoort en regisseuse bij Flicks Producties. Toevallig kreeg ik tijdens mijn zwangerschap te horen dat ik een van de hoofdrollen mocht inspreken voor de Disney serie Undercover Kat, waardoor ik flink wat studio-uren ingepland kon worden. Mijn kindje bewoog lekker mee wanneer ik als alien-katje Gark aan het miauwen en roepen was. Vorige week belde de planner van Wim Pel Productions of ik wat nieuwe afleveringen wilde inspreken van Undercover Kat. Het kwam als geroepen, ik was bijna door mijn to-do lijst heen. “Als je die dag gaat bevallen hoef je ons niet af te bellen hoor, als je niet komt opdagen dan weten we wat er aan de hand is”, zei de planner sympathiek. Daar zat ik dan, 38 weken zwanger, in de studio. Ik vond het heerlijk om weer lekker bezig te zijn en miauwde er op los.

Aftellen

Vanochtend kwam ik tot de schrikbarende ontdekking dat mijn to-do lijst écht leeg is. Ik hapte naar zuurstof. Gelukkig staat mijn huis vol planten. Nu zit ik te wachten. Inmiddels 39 weken zwanger. Binnen afzienbare tijd heb ik een kleine jongen in mijn armen die mijn to-do lijstje weer flink aan zal vullen. Mama’s redder in saaie tijden. Kom maar snel lief kind.

Zwanger en acteren39 weken zwanger

Method Acting

Relinde quote_3

Op het Nederlands Film Festival ging de korte film Melany van regisseur Ruben Broekhuis en producent Herman Slagter in première.

Ik lig op de bank in de woonkamer. De verwarming staat aan, ik drink een warme kop thee en eet een stuk chocola terwijl ik met vriendinnen app. ‘Het gaat door!’ app ik. ‘We gaan de korte film maken. Ik ga een junk spelen!” Een dakloze junk. Er zijn geen personages te bedenken die verder van me af staan. Na één slechte ervaring met het roken van marihuana heb ik besloten dat drugs niet mijn ding is. Ik heb altijd een veilig thuis gehad. Ik heb een hekel aan kamperen, terwijl mijn personage blij is dat ze een afgeragde caravan heeft kunnen claimen als woning.

Ik moet iets doen. Me goed voorbereiden. Ik loop mijn balkon op. Schoongepoetste vlonders lachen me toe. Een tuinsetje met zachte kussens nodigt me uit om te gaan zitten en de plantjes staan er mooi bij. Dit moet anders. Ik zet mijn planten binnen (behalve een stervende, die heeft de juiste sfeer te pakken) en klap het tafeltje in. De kussens berg ik op. De vlonders storen me. Ik pak wat grote vuilniszakken en begin ze los te trekken. Eén voor één verdwijnen de mooie stukken hout in de grijze zakken. Als de zak vol is knoop ik hem dicht en geef hem een mooie plek op het balkon. Een paar uur later heb ik het lelijkste balkon van de flat (wat een prestatie op zich is, in Rotterdam IJsselmonde). Een kale tuinstoel staat op de betonnen ondergrond, omringd door vuilniszakken en een stervende plant. De losse aarde die onder de vlonders was gaan rotten heb ik laten liggen om het geheel nog mistroostiger te maken. Ik pak een glas alcohol en mijn shag (net gekocht, ik rook niet) en begin te draaien.

De avond valt. Ik zit er nog. Mijn keel hees van de shag en mijn hoofd duizelt. Dit is niet genoeg. Ik moet een stap verder. Naar buiten, de flat uit. Ik pak mijn jas en vertrek. Even overweeg ik om zonder sleutels weg te gaan zodat ik me écht even dakloos voel, maar dat durf ik niet. Mijn mobiel laat ik wel thuis. Beneden kom ik aan bij het park. Het is donker en heeft geregend. Een politiewagen rijdt langs, ik voel me bekeken. Stel dat ze me vragen wat ik aan het doen ben, zal ik dan als actrice Relinde antwoorden of als personage Melany? Terwijl ik de mogelijke risico’s en consequenties van deze keus afweeg, rijdt de politiewagen langzaam door. Ik haal diep adem en loop het park in.

Hoe kies je een plek om te slapen? Wat weegt zwaarder: een droge of een zachte plek? Ik dwaal wat rond door het park. Ik wil een beschutte plek, zodat ik niet gezien kan worden. Misschien toch een stukje terug, bij dat kleine paadje. Is dit goed? Ik zie niks. Een tak schiet in mijn gezicht. Ja, daar is het goed. Ik wurm me tussen de bosjes en ga voorzichtig zitten. Een beetje klam is het wel, maar dat zal er wel bijhoren. Daar zit ik dan. En nu? Moet ik hier slapen? Ik ben gek. Nee, dit is goed. Even voelen hoe het voelt. Alles voor de kunst. Ik probeer te gaan liggen. Waar leg ik mijn hoofd op? Nu snap ik waarom daklozen een capuchon hebben. Ik trek mijn kraag wat verder omhoog. Wat is het koud. Het vriest licht. Ik begin te rillen. Ik stop mijn handen in mijn zakken. Ik voel mijn sleutels. De sleutels van mijn flat. Mijn eigen flat. Met een zacht bed. En een warme douche. Nee, niet aan denken, nu even dit ervaren. Ik haal diep adem en probeer te ontspannen. Een geluid. Geritsel. Wat is dat? Een beest? Ik schiet overeind. Wat leeft hier ’s nachts? Ik zie niks. Daar is het weer, nu dichterbij. Ik schuif een stuk op, mijn hand glijdt in de modder. Warme douche. Zacht bed. Weer een geluid. Sleutels in mijn zak. Geritsel, vlakbij nu. Ik spring op en ren het park uit, naar huis.

Morgen weer proberen.

Raymond Thiry Relinde de Graaff

Melany
Een korte film van Ruben Broekhuis
Cast: Relinde de Graaff, Raymond Thiry, Jade Yilmazoglu en Martin van der Starre
Productie: Herman Slagter, Riverpark Films
Powered by Nieuw Nederlands Film Platform
www.facebook.com/melanyfilm

korte film Melany

Over de korte film Melany:

Welke rol zou ik als actrice graag nog willen spelen, vroeg ik me af. Als ik daklozen zie, vraag ik me altijd af hoe iemand in dat leven terecht gekomen is. Wat voor geschiedenis zou zo iemand kunnen hebben? Ik besloot op de Rotterdamse producent Herman Slagter af te stappen, met de vraag of hij een korte film wilde produceren over een junk. Hij koppelde me aan regisseur Ruben Broekhuis, met wie ik het scenario voor de korte film Melany ontwikkelde. Dankzij het NNFP konden we de korte film maken, die in 2015 op het Nederlands Film Festival in première ging. – Relinde de Graaff

Paashaas

acteurs

Sinds mijn afstuderen aan de Toneelacademie Maastricht bekijk ik dagelijks auditieoproepen op internet. ‘Professionele actrice met veel camera-ervaring gezocht.‘ ‘Acteurs gezocht voor internationaal filmproject.’ ‘Wanted: professional actress!’. Genoeg werk dus, mooi zo. Even kijken wat de vergoeding is. ‘Voor mensen die ver moeten reizen, worden reiskosten vergoed.’ ‘Bij een goede samenwerking zullen we je hierna voor betaalde klussen inhuren’. Of deze: ‘Wij bieden een fijne werksfeer en een lekkere lunch.’

Lang niet alle Nederlandse acteurs kunnen leven van alléén acteren. Veel acteurs, waaronder ikzelf, verbreden zich. Als mensen vragen wat ik doe, twijfel ik. Zou het erg verwarrend zijn als ik antwoord met: “Ik ben actrice, presentatrice, voice-over, scenarioschrijfster, regisseuse, producent, marketingmanager, webmaster en sales manager bij een videoproductiebedrijf”?

Superdruk

Behalve de verbreding van werkzaamheden die nog enigszins te maken hebben met het vak, hebben veel acteurs één of meerdere bijbanen om rond te komen. De meesten verzwijgen dit. Probeer het maar eens uit. Vraag een acteur of hij rond kan komen van zijn vak. Hij zal wat zenuwachtig van de ene op de andere voet wippen, een hand door zijn haar halen en zijn ogen kijken langs je heen wanneer hij zegt: “Jawel, tegenwoordig lukt dat wel, ja.” Erachteraan volgt onzeker: “Ik ben superdruk”. Acteurs zijn bang dat ze niet serieus worden genomen als ze toegeven dat ze naast hun vak nog 24 uur per week achter de bar staan of post bezorgen.

Zelf begon ik al jong met bijbaantjes – ik wist tenslotte dat ik actrice zou worden. Ik begon bij de afhaal van een Chinees-Indisch specialiteitenrestaurant. Daarna vervolgde ik mijn carrière als babysitter, kledingverkoopster, receptioniste, lerares Engels, Zwarte Piet, administratief medewerkster, propper in Madrid, paaldansinstructrice en evenementenbeveiliger.

De meeste banen hebben me iets geleerd. Als lerares leerde ik veel van didactiek, als propper ontwikkelde ik sociale vaardigheden, dankzij het paaldansen bleef ik in vorm en als beveiliger leerde ik voor mezelf opkomen. Van sommige banen ben ik er nog steeds niet achter wat ik ervan heb geleerd.

Taboe doorbreken

Het dieptepunt in mijn bijbaancarrière. Het is 32 graden. Ik sta op straat in een wollen paashazenpak met een enorm pluchen hazenhoofd paaseieren uit te delen. Het zweet gutst in stralen van mijn hoofd mijn paashazenlijf in. Er zitten twee kleine kijkgaatjes in het kolossale hoofd, en wanneer ik mijn kin op mijn borst druk lukt het me om er iets door te zien. Krampachtig hou ik mijn mandje eieren vast en zwaai ik met mijn vrije hand quasi-vrolijk om me heen. Een moeder met kind loopt langs. “Kijk eens wat een schattig konijntje!” hoor ik haar op hoge toon zeggen. “Die is nep”, antwoordt het kind, grijpt een handvol paaseieren uit mijn mandje en loopt door.

Wie weet zal het er ooit van komen dat ik van mijn vak zal kunnen leven. Acteursbelangenvereniging ACT strijdt voor CAO verbeteringen en goede ZZP regelingen in de branche. Vooruitgangen worden geboekt, onderzoeken worden gepubliceerd en het gesprek wordt aangegaan om de sector te verstevigen. Ik stel voor dat we tot die tijd het bijbanen-taboe doorbreken en gewoon hardop zeggen wat we doen. Bijvoorbeeld: “Ik ben Roy, ik ben acteur en pak rijstewafels in.” En terwijl we uien sorteren of bol.com pakketjes inpakken, weten we waar we het voor doen: om de dag erna weer het mooiste vak op aarde uit te mogen oefenen.

Plan B

“Dus jij wilt actrice worden?” De jongen strijkt met zijn hand door zijn krullen en snuift. “Wat is je plan B?” Ik kijk hem glazig aan. “Mijn plan B?” stamel ik. Ik dacht dat ik, net afgestudeerd aan ’s lands meest prestigieuze toneelacademie, nu toch wel serieus genomen zou worden. “Ja, je plan B.” Zijn stem klinkt schel wanneer hij verder praat. “Zoek je dan een vent met pieken?” Ik schiet in de lach. Oh shit, hij meent het. “Ik heb geen plan B.” Ons gesprek valt stil. Hij nipt verveeld aan zijn ginger ale en kijkt ongeduldig naar zijn vriend die druk in gesprek is met mijn blonde vriendin. Ze hebben het vast over zijn koopwoning, of haar laatste vakantie naar Zanzibar. Ik voel me een dromer, bungelend aan de laagste trede van de maatschappelijke ladder.

Ik heb al vaak bedacht dat ik ermee zou stoppen. Dat ik het lang genoeg een kans heb gegeven. Ik heb het zelfs een keer tegen mijn agent Agnès gezegd. Ze keek me fronsend aan en sprak bemoedigende woorden. “Het ligt aan deze tijd, niemand heeft werk op het moment. Je moet nog even volhouden, daarna komt het vanzelf.” Ik was weer om, zo makkelijk ging dat. Het vuur kan nog helemaal niet uit. Het brandt te hard.

Nieuwe levens

Als actrice krijg je de mogelijkheid om alle lagen van de bevolking te ontdekken. Je leert niet alleen over de achtergrond en de psychologie van je personage, je mag het zelf gaan ervaren. Hoe voelt een manager van een multinational zich, of een raketbouwer? Of een hoer? Hoe voelde Jeanne d’Arc zich? En een vrouw uit 2145? Waarom gedragen mensen zich zoals ze doen, waarom varieert hun kleding, hun lichaamshouding, hun stem? Als actrice mag je even in een nieuw leven stappen. Steeds weer opnieuw. Je leert de wereld om je heen zo beter begrijpen.

Vervolgens krijg je de kans om dit door te geven aan een publiek. Samen met een team van professionals creëer je een wereld waarin de personages tot leven komen. Het publiek kijkt ernaar, waarmee ook zij even in het leven van iemand anders mogen stappen. Ze kunnen zich identificeren met de manager, de raketbouwer en de hoer. Je geeft als actrice die verrijkende ervaring door aan de kijker. Dat vind ik zo prachtig aan acteren. Daarom maakt het me gelukkig.

Alleen gelukkig

Ik sta op de set van een studentenfilm. Onbetaald. Mijn trolley vol met mijn eigen kleding en make-up naast me. Catering verzorgd door de moeder van de regisseur, die al drie keer tijdens een take binnen is gekomen om te vragen wanneer we komen lunchen. “Maaaam! Je verpest de opnames!” “Sorry, excuses, het spijt me. Maar op het schema staat 13 uur, mijn prutje wordt koud… Komen jullie zo?” piept ze. Met een rood hoofd trekt ze voorzichtig de deur weer dicht. Een jong meisje speelt mijn dochter. Ik vraag me af hoe mijn personage op haar leeftijd al een dochter van 12 kan hebben en in een vrijstaand huis kan wonen. Doet ze beter dan ik. De jonge actrice die mijn dochter speelt is het nichtje van de gaffer en heeft nooit eerder geacteerd. “Wil je nu ook actrice worden?” hoor ik de productieleidster aan het meisje vragen. “Dan word je heel rijk en beroemd!” Ik schud mijn hoofd en kijk het meisje aan. “Alleen gelukkig. Maar misschien is dat voldoende?”

actrice