Paashaas

acteurs

Sinds mijn afstuderen aan de Toneelacademie Maastricht bekijk ik dagelijks auditieoproepen op internet. ‘Professionele actrice met veel camera-ervaring gezocht.‘ ‘Acteurs gezocht voor internationaal filmproject.’ ‘Wanted: professional actress!’. Genoeg werk dus, mooi zo. Even kijken wat de vergoeding is. ‘Voor mensen die ver moeten reizen, worden reiskosten vergoed.’ ‘Bij een goede samenwerking zullen we je hierna voor betaalde klussen inhuren’. Of deze: ‘Wij bieden een fijne werksfeer en een lekkere lunch.’

Lang niet alle Nederlandse acteurs kunnen leven van alléén acteren. Veel acteurs, waaronder ikzelf, verbreden zich. Als mensen vragen wat ik doe, twijfel ik. Zou het erg verwarrend zijn als ik antwoord met: “Ik ben actrice, presentatrice, voice-over, scenarioschrijfster, regisseuse, producent, marketingmanager, webmaster en sales manager bij een videoproductiebedrijf”?

Superdruk

Behalve de verbreding van werkzaamheden die nog enigszins te maken hebben met het vak, hebben veel acteurs één of meerdere bijbanen om rond te komen. De meesten verzwijgen dit. Probeer het maar eens uit. Vraag een acteur of hij rond kan komen van zijn vak. Hij zal wat zenuwachtig van de ene op de andere voet wippen, een hand door zijn haar halen en zijn ogen kijken langs je heen wanneer hij zegt: “Jawel, tegenwoordig lukt dat wel, ja.” Erachteraan volgt onzeker: “Ik ben superdruk”. Acteurs zijn bang dat ze niet serieus worden genomen als ze toegeven dat ze naast hun vak nog 24 uur per week achter de bar staan of post bezorgen.

Zelf begon ik al jong met bijbaantjes – ik wist tenslotte dat ik actrice zou worden. Ik begon bij de afhaal van een Chinees-Indisch specialiteitenrestaurant. Daarna vervolgde ik mijn carrière als babysitter, kledingverkoopster, receptioniste, lerares Engels, Zwarte Piet, administratief medewerkster, propper in Madrid, paaldansinstructrice en evenementenbeveiliger.

De meeste banen hebben me iets geleerd. Als lerares leerde ik veel van didactiek, als propper ontwikkelde ik sociale vaardigheden, dankzij het paaldansen bleef ik in vorm en als beveiliger leerde ik voor mezelf opkomen. Van sommige banen ben ik er nog steeds niet achter wat ik ervan heb geleerd.

Taboe doorbreken

Het dieptepunt in mijn bijbaancarrière. Het is 32 graden. Ik sta op straat in een wollen paashazenpak met een enorm pluchen hazenhoofd paaseieren uit te delen. Het zweet gutst in stralen van mijn hoofd mijn paashazenlijf in. Er zitten twee kleine kijkgaatjes in het kolossale hoofd, en wanneer ik mijn kin op mijn borst druk lukt het me om er iets door te zien. Krampachtig hou ik mijn mandje eieren vast en zwaai ik met mijn vrije hand quasi-vrolijk om me heen. Een moeder met kind loopt langs. “Kijk eens wat een schattig konijntje!” hoor ik haar op hoge toon zeggen. “Die is nep”, antwoordt het kind, grijpt een handvol paaseieren uit mijn mandje en loopt door.

Wie weet zal het er ooit van komen dat ik van mijn vak zal kunnen leven. Acteursbelangenvereniging ACT strijdt voor CAO verbeteringen en goede ZZP regelingen in de branche. Vooruitgangen worden geboekt, onderzoeken worden gepubliceerd en het gesprek wordt aangegaan om de sector te verstevigen. Ik stel voor dat we tot die tijd het bijbanen-taboe doorbreken en gewoon hardop zeggen wat we doen. Bijvoorbeeld: “Ik ben Roy, ik ben acteur en pak rijstewafels in.” En terwijl we uien sorteren of bol.com pakketjes inpakken, weten we waar we het voor doen: om de dag erna weer het mooiste vak op aarde uit te mogen oefenen.

Plan B

“Dus jij wilt actrice worden?” De jongen strijkt met zijn hand door zijn krullen en snuift. “Wat is je plan B?” Ik kijk hem glazig aan. “Mijn plan B?” stamel ik. Ik dacht dat ik, net afgestudeerd aan ’s lands meest prestigieuze toneelacademie, nu toch wel serieus genomen zou worden. “Ja, je plan B.” Zijn stem klinkt schel wanneer hij verder praat. “Zoek je dan een vent met pieken?” Ik schiet in de lach. Oh shit, hij meent het. “Ik heb geen plan B.” Ons gesprek valt stil. Hij nipt verveeld aan zijn ginger ale en kijkt ongeduldig naar zijn vriend die druk in gesprek is met mijn blonde vriendin. Ze hebben het vast over zijn koopwoning, of haar laatste vakantie naar Zanzibar. Ik voel me een dromer, bungelend aan de laagste trede van de maatschappelijke ladder.

Ik heb al vaak bedacht dat ik ermee zou stoppen. Dat ik het lang genoeg een kans heb gegeven. Ik heb het zelfs een keer tegen mijn agent Agnès gezegd. Ze keek me fronsend aan en sprak bemoedigende woorden. “Het ligt aan deze tijd, niemand heeft werk op het moment. Je moet nog even volhouden, daarna komt het vanzelf.” Ik was weer om, zo makkelijk ging dat. Het vuur kan nog helemaal niet uit. Het brandt te hard.

Nieuwe levens

Als actrice krijg je de mogelijkheid om alle lagen van de bevolking te ontdekken. Je leert niet alleen over de achtergrond en de psychologie van je personage, je mag het zelf gaan ervaren. Hoe voelt een manager van een multinational zich, of een raketbouwer? Of een hoer? Hoe voelde Jeanne d’Arc zich? En een vrouw uit 2145? Waarom gedragen mensen zich zoals ze doen, waarom varieert hun kleding, hun lichaamshouding, hun stem? Als actrice mag je even in een nieuw leven stappen. Steeds weer opnieuw. Je leert de wereld om je heen zo beter begrijpen.

Vervolgens krijg je de kans om dit door te geven aan een publiek. Samen met een team van professionals creëer je een wereld waarin de personages tot leven komen. Het publiek kijkt ernaar, waarmee ook zij even in het leven van iemand anders mogen stappen. Ze kunnen zich identificeren met de manager, de raketbouwer en de hoer. Je geeft als actrice die verrijkende ervaring door aan de kijker. Dat vind ik zo prachtig aan acteren. Daarom maakt het me gelukkig.

Alleen gelukkig

Ik sta op de set van een studentenfilm. Onbetaald. Mijn trolley vol met mijn eigen kleding en make-up naast me. Catering verzorgd door de moeder van de regisseur, die al drie keer tijdens een take binnen is gekomen om te vragen wanneer we komen lunchen. “Maaaam! Je verpest de opnames!” “Sorry, excuses, het spijt me. Maar op het schema staat 13 uur, mijn prutje wordt koud… Komen jullie zo?” piept ze. Met een rood hoofd trekt ze voorzichtig de deur weer dicht. Een jong meisje speelt mijn dochter. Ik vraag me af hoe mijn personage op haar leeftijd al een dochter van 12 kan hebben en in een vrijstaand huis kan wonen. Doet ze beter dan ik. De jonge actrice die mijn dochter speelt is het nichtje van de gaffer en heeft nooit eerder geacteerd. “Wil je nu ook actrice worden?” hoor ik de productieleidster aan het meisje vragen. “Dan word je heel rijk en beroemd!” Ik schud mijn hoofd en kijk het meisje aan. “Alleen gelukkig. Maar misschien is dat voldoende?”

actrice